16 november 2011

Voor u gesmeerd, bijna helemaal gratis.

Voor niks gaat de zon op, zo luidt het spreekwoord.

Dus helemaal gratis was de dagcrème die ik van Enchanté kreeg niet want in ruil moest ik er iets over schrijven. En u begrijpt hoe kostbaar mijn tijd is. En ja, daar mag u luidkeels mee lachen.

Kleine prijs echter want bij Endimi spiekte ik net even naar de eigenschappen (het bijbehorende doosje heb ik blijkbaar al weggegooid) en zag meteen ook de waarde van het waanzinnig mooie potje.

Fors geld maar inderdaad: je hebt er niet veel van nodig. Het is een bijzonder rijke crème. Wat ik niet direct doorhad maar wat wel tot gevolg had dat mijn onmiddellijk daarna aangebrachte fond de teint zo ongeveer van mijn gezicht afgleed.

Een toefje in plaats van een royale lik is de boodschap. De geur is ronduit heerlijk en deed mij denken aan iets uit mijn kindertijd. We weten allemaal hoe lang dat al geleden is en blijkbaar strekt het olfactorisch geheugen niet tot in de tijd dat de dieren nog spraken, want ik kan mij nog steeds niet herinneren waaraan precies.

Je krijgt er een zacht velletje van. Maar rode vlekjes en pigmentplekken zijn niet verdwenen. Dus de egale teint die straalt van jeugdigheid heb ik nog niet bespeurd. Evenwel, daar kunnen we Biotherm nu niet op aankijken. Dat zal eerder liggen aan mijn levenswijze die niet van dien aard is dat een potje dagcrème soelaas zou kunnen brengen.

Gelukkig is er nog altijd fond de teint. De uitvinder daarvan verdient een standbeeld. Maar daar ging het hier niet over zeker?

Ps: ook mijn nieuwe lay-out was helemaal gratis, dat dan weer dankzij Skynet. Verwend dat ik word, het mag geen naam hebben!

02 september 2011

What's in a name.

Ik heb het al eens gehad over de Sanseveria en Andere Ergerlijke Kamerplanten.

Het mag niet verbazen dat ik bij de laatste heuglijke gelegenheid weer eentje van het mandjessoort cadeau kreeg. Want zo hoort dat bij Heuglijke Gelegenheden.

Nu zou dat normaal geen probleem mogen zijn. Men laat het onding gewoon verkommeren tot hij van ellende eieren voor zijn geld kiest en wegdeemstert.

Helaas zit dat er niet in, of toch niet in de nabije toekomst. Want wij hebben hem een naam gegeven. En we weten allemaal dat iets dat ge een naam geeft, niet moedwillig moogt laten doodgaan. Dus ik voel mij verplicht om hem water te geven. Hij is zelfs zo lelijk dat ik er meelijdend naar kijk. Mocht het niet zo idioot staan, ik zou hem zelfs aanmoedigende woorden toefluisteren.

Ik moet ook bekennen dat ik hem al ter adoptie heb aangeboden maar niemand wil hem. Eigen schuld, ik had er maar geen foto moeten bijzetten.

Graag zou ik u de naam van mijn Zielige Mandjesplant verklappen maar hij heet zoals Appelmoose intecht heet. Ik ga er een bordje voorzetten: 'Elke gelijkenis op naamgebied met bestaande wezens is geheel toevallig'. Want dat was het ook. Verre zij het van mij om De Heer Appelmoose van zielige planterigheid te betichten. Ik hoop wel dat hij het ons vergeeft.

29 juli 2011

Nagelnieuw

U herinnert zich nog vaag de Zielige Duim? Vijf maanden na datum zag hij er nog steeds Zielig uit. Hij kreeg wel weer een hoornlaagje maar dat was de naam 'nagel' echt niet waardig. Tenzij u een opgebolde massa met een groef in het midden een nagel noemen wilt. Alhoewel hij in het begin van het groeiproces wel een mooie hartjesvorm kreeg. Tenminste, als u over de op schimmel lijkende nagelrand kon kijken.

Aangezien een duim redelijk goed uit het zicht te houden valt, kon het mij eigenlijk allemaal niet zo boeien. Maar dan zit je opeens met een vriendin op een terras die, terwijl wij onze kinderen minutieus in het oog houden in de bijbehorende speeltuin, toch tijd vindt om hem te monsteren en zegt dat ik er Iets Aan Moet Laten Doen.

Voor de lieve vrede maar inwendig rologend belde ik een Nagelstudio. Want zo heet dat. Hetgeen ik in mijn hoofd steeds 'tijdverdrijf voor Verkavelingswijven' noemde, wat op één lijn staat met Tupperware parties en zonnebanken, blijkt gewoon een naam te hebben.

U mag mij bovenstaande niet kwalijk nemen. Ik viel ook zowaar van mijn stoel toen iemand mij vertelde dat normale vrouwen naar schoonheidsspecialistes gaan. Maar goed, ik heb allang door dat ik niet helemaal van deze wereld ben, dus voel u vooral niet beledigd, het ligt aan mij. Maar bij dezen staat de term Verkavelingswijven toch maar mooi op Google, wat daarvoor niet zo was.

In elk geval: ik ging naar de nagelstudio, voor een French manicure en een Restauratie van De Duim. Ik zat amper vijf minuten neer of, jawel, Verkavelingswijven (2) naast mij begonnen een oeverloze klaagzang over hun echtgenoot. Gaan lopen kon ik niet meer, want de Nageldame had mijn hand stevig vastgepind. In minder dan een half uur had ik terug een echte duim, of toch een redelijke imitatie, en nagels die zo Frans waren dat ze ei zo na de Marseillaise zongen.

Na exact een week zien die nagels er nog altijd perfect uit. En gelukkig maar want ik heb geen idee hoe ik nagellak die wel hars lijkt en daarenboven gefixeerd werd met een soort van ultraviolette droger zou moeten losbikken.

Dus ik denk dat wat nagels betreft, ik een Verkavelingswijf ga worden. Al woon ik in een Antiquiteit met elektriciteitsuitdagingen. Maar nooit zal u mij onder een zonnebank aantreffen. Of op een Tupperwareparty. Al ware het maar omdat ik zo ook al een koelkast vol Dood Eten heb, dat net zo makkelijk weggooit als het op een bord staat te beschimmelen.

31 maart 2011

Ban Flanel

Ik wens, van zodra we een regering van betekenis hebben, een verbod op Flanel.
Flanel, beste Dames en Heren, is des duivels. Flanel besluipt u wanneer u het het minst verwacht.

Zoals in: uw ma ( in sommige kringen bekende als #onsma) zegt dat ze flanellen lakens heeft opgelegd. Onmiddellijk grijpt een of andere hersencel in uw gedementeerd brein terug naar uw kindertijd. De tijd waarin uw ma, of #onsma althans toch tijdens de gure wintermaanden flanel op uw bed legde. In mijn geval wit, met roze en blauw gestreept. Van de seconde dat ze het woord uitsprak, een triljoen jaar na die kindertijd, wist ik het: ik wil flanel.

Dat was natuurlijk maar een woord voor #onsma. Bij de eerstvolgende feestdag kreeg ik flanellen lakens. Letterlijk. Want die moest ze dan nog eens gaan omruilen tot een flanellen dekbed. Want wie o wie bezigt er nog lakens anno nu?

Goed, Flanel it was. Waar ik tot over een aantal maanden een kwieke opstaander was, geen wekker te vroeg, geen snooze te bespeuren, daar had Flanel mij bij de kladden.

Want, beste Lezertjes, uit Flanel sta je niet zomaar op. Nee, Flanel omhult je en fluistert dat je nog even moet blijven liggen, lekker warm.

Meer nog, Flanel is al warm wanneer je de bedstee betreedt, in tegenstelling tot katoen. Dus op welk tijdstip je de sponde ook maar van in de verte benadert, Flanel roept op om toch even te komen wentelen in de zachte warmte.

Flanel is de Duivel. En derhalve wens ik een Koninklijk Besluit. Ter verbod van Flanel.

Nog een geluk dat ik economisch toch al een te verwaarloosbare factor ben, want anders zou u het voelen op uw volgende belastingbrief.

Mark my words, Flanel is de doodsteek voor de samenleving. Geen mens die nog op tijd op het werk arriveert, moest het flanellen dekbed gemeengoed worden.

En als u mij nu excuseert, ga ik een proper setje flanel op het bed leggen. Per slot van rekening gaan we des nachts nog tegen de vries aan. En zomers kennen we hier ook niet echt. Toch?

15 februari 2011

Hoe ik het uitsprak, rijmde bijna op 'lang zullen ze leven'

U kent ze allemaal: existentiële kwesties die u van uw slaap beroven, die telkenmale weer door uw hoofd spelen, waar u nooit een antwoord op lijkt te vinden. Voor de ene is dat het einde van het heelal en wat er zich mogelijkerwijs achter zou kunnen bevinden, de andere ligt dan weer wakker van het al dan niet bestaan van een onsterfelijke ziel.

 Echter, weinig levensvragen zo belangrijk als de uitspraak van de naam 'AVEVE'. Deze zaak houdt mij al jarenlang bezig, niet in het minst omdat ik steeds uitgelachen werd om de manier waarop ik het zeg. Namelijk: A (kort zoals in 'alles') VéééééééVe met klemtoon op de Vééééééééé.

Groot was dan ook mijn vreugde toen de keten in kwestie mij begon te volgen op Twitter. Eindelijk zou ik een antwoord krijgen op deze prangende vraag. En ja hoor, seconden na mijn tweet kwam er al een antwoord:

  @Aveve @DeHuisvrouw Er zijn inderdaad wel vele manieren om 'AVEVE' uit te spreken: AVV - Avéve - Avevé - Aveve - Avévé - AAA VEEE VEEE

Dat hielp mij natuurlijk nog niet veel verder. Maar niet getreurd, Aveve vroeg mij of ik hun radiospots al gehoord had. Dat had ik niet. De vriendelijke twitteraar van dienst zette alle zeilen bij:

@Aveve @Dehuisvrouw In de winkels spelen ze ook telkens dit spotje af, maar daar ben je nu ook niets mee. We zoeken een oplossing ;)

...en kwam luttele tijd later met:

@Aveve Voor iedereen die ook twijfels heeft bij de uitspraak van AVEVE: gewoon kijken en luisteren :) http://bit.ly/eFRPHr

Voor één keer luisterde ik met volle aandacht naar een filmpje waar kinderen een rol in spelen, en dan nog wel valszingende kinderen, want zoveel klantvriendelijkheid en inzet dient gewaardeerd te worden. Bovendien weet ik nu zeker dat ieder die mij uitlachte, gelijk had. Het is A.V.V. Afkortingsgewijs uitgesproken.

Ik zal het nooit meer vergeten en U evenmin. Alle dank voor herwonnen nachtrust gaat natuurlijk naar Aveve, mij hoeft u niet erkentelijk te zijn.


10 augustus 2010

Welverdiende rust

Eerst en vooral wens ik u gerust te stellen. Ik ben niet dood, maar zelfs Een Huisvrouw mag eens wat van verlof doen, toch?

Ware het anders geweest, ik had u allen welkom geheten op de uitvaart. Burgerlijke plechtigheid, roken en drinken toegestaan, twitterwall en wifi voorhanden.

Maar vooralsnog moet u nog geen plaatsje in uw agenda vrijhouden voor deze feestelijke gelegenheid. Ik kom snel bij u terug met meer verhalen uit Disfunctia. Of gecopy/paste vanop jutblogt. Navenant hoe energiek ik mij voel.

Tot binnenkort. Kusjes en zovanalles!

13 mei 2010

communiet

Ik  kreeg een stokje. Daar was ik niet blij mee  zoals u reeds kan bevroeden als u mij kent, maar aan de andere kant: ik heb u de laatste tijd toch verwaarloosd dus waarom niet.

Communiefoto's. Ja die heb ik dus niet. Ik stam uit een zeer rood nest en alles wat met kerk te maken had, werd afgedaan als ware het des duivels. Mijn grootvader was een communist die toen zijn dochter, mijn ma, voor de grap eens naar de kerk ging op assewoensdag en zich een kruisje op het voorhoofd liet kalken, slechts weerhouden werd van een kindermoord door liefde voor zijn dochter.

Gedoopt ben ik wel. De vrouw van diezelfde grootvader, mijn bomma, was mijn doopmeter. Vraag me niet om dat uit te leggen. De logica van die generatie gaat mijn petje ver te boven.

Communie, dat was echter uit den boze.

Net zoals in mijn gezin. Behalve dat ik ook zo consequent geweest ben om mijn kinders niet te laten dopen.

Toen dochter vernam dat ze niet ter communie moest gaan was haar eerste reactie:

"o tof, dan moet ik ook al die onnozele liedjes niet leren". Nee voor mijn part niet.

Ik deed de uitleg over hoe wij niet katholiek zijn, hoe zij niet gedoopt is maar toen kwam haar tegendraadse zelf naar boven. "Dan doop ik mijzelf wel volgende keer als we naar de kerk gaan met school en doe ik wél communie."

Onnodig te zeggen dat een schouderophalen van mijn kant genoeg was om het haar er nooit meer over te laten hebben.

Foto's dus. Voor een foto van mezelf als 6-jarige zou ik langs mijn ouders moeten gaan, en die 100 meter ga ik vandaag niet overbruggen. In de plaats krijgt u onderstaande. Ik kan u verzekeren dat ik er sinds dan alleen maar schattiger op geworden ben. U mag ooooh en aaaah doen. Ik hou u niet tegen.

IMG_0304

 

13 maart 2010

Inspiratie

Ik ben een nogal onregelmatige slaper. Het gebeurt dikwijls dat ik per nacht een aantal keer wakker word. In plaats van schapen te tellen, begin ik verhaaltjes te verzinnen. Of stukjes voor hier of Jutblogt. Die nachtelijke hersenspinsels zijn blijkbaar altijd zo boeiend dat ik binnen de kortste keren terug inslaap.

's Ochtends blijken de ingevingen echter steeds verdwenen te zijn uit mijn deplorabele geheugen.

Wie weet welk een briljante schrijfsels zo reeds verloren gegaan waren voor de mensheid, vroeg ik mij af. Dat mocht niet meer gebeuren. Dus ik legde een papiertje en een bic op het nachtkastje zodat ik een paar kernwoorden kon neerpennen om mij de dag nadien op het juiste pad te zetten.

Ik laat u even meegenieten van de resultaten van eerste en meteen ook enige nacht van het experiment:

-kikker - bal

-spinnenweb/stofnet

-grapje?

-sjkaad (dat is wat ik uit het laatste woord kon opmaken, het moge duidelijk wezen dat ik het licht niet aansteek om te schrijven)

Deze woorden samen zouden dus een verhaal moeten vormen. Onnodig te zeggen dat ik geen idee meer heb welke samenhang daar achter zou kunnen steken. Ik denk dat ik in het vervolg toch beter schapen tel.

 

10 januari 2010

Freeze frame

Deze dame verzocht mij voorzichtig een foto van mijn koelkast te posten. Indien men een mens kent aan zijn koelkast, dan vrees ik dat u mij kil en leeg gaat vinden. Ik heb daar excuses voor echter. Of uiteraard. Ik ga bijna elke dag naar de winkel en het gekochte wordt dan ook onmiddellijk bereid. In het WE ga ik niet naar de winkel, want bereid ik niks en is het nog desolater dan anders op koelvlak.

Wat u niet ziet: dat de sauzen-van-Calvé die achter de eieren bovenaan staan waarschijnlijk allemaal vervallen zijn. Dat de wortels in de groentelade al weken geleden een roemloze dood gestorven zijn en dat de tube flammazine die ergens rondzweeft waarschijnlijk ook niet meer geschikt voor menselijk gebruik is.

Maar goed, De Koelkast zoals ze is in Disfunctia.

phpFymMqjAM

05 januari 2010

Luxemburgers bestaan niet.

Hoort u ooit al eens iets over Luxemburgers? Moorden? Slachtoffers van rampen allerhande? Protesten tegen van overheidswege ingevoerde richtlijnen?
Klachten over rookverbod? Problemen met inwijkelingen? Ontvoeringen of vuurwerkontploffingen in uitgaansbuurten? Sportlui die records breken? Overstromingen of droogtes?

Heb u ooit al een Luxemburger gezien hier in België? Nederlanders, Duitsers, Fransen, noem maar op, het bezoekt allemaal ons land en vraagt ons de weg. Maar een Luxemburger die de weg naar een Stadcentrum (naar keuze) wil weten? Never.

Als kind ben ik ooit eens in Echternach geweest. De enige twee herinneringen die ik daar aan heb zijn een foto van mij op een verrekt hoge berg en een portemonneetje, in vier kleuren, met in Gouden Letters 'Echternach'. Ik herinner mij geen enkel levend persoon. Terwijl ik nog heel goed weet hoe een kelner in Italië eens dreigde om mijn kleuterpersoon in het zwembad te gooien. Als grapje, niet om dat ik een ettertje was, dat spreekt.

Misschien moest de Nasa eens een sonde naar Luxemburg sturen in plaats van naar Mars. Alhoewel de kans op menselijk leven op Mars waarschijnlijk groter is.

Want Luxemburgers bestaan niet. Moest er daar al volk rondlopen, dan zijn het al die overtollige would-be Hollywoodacteurs die geen werk vinden.

En kom mij aub niet af met: uw redenering klopt niet. Dat doet ze immers nooit.

Alle berichten